Thursday, 7 September 2023

2023 - Compleet op volgorde

Dag 01 - Op weg naar Albuquerque

We waren om 7 uur op Schiphol en om 07:45 door security en de douane. Ging allemaal vlotjes dus. Daarna nog een goed uur zitten wachten voor we konden boarden.

Bier, B&B Vol Liefde, en Mocro Maffia:

Na ruim 10 uur vliegen zijn we geland in Salt Lake City en wisten we het antwoord op de vraag hoe lang een kind kan janken aan boord: een uur of 9,5. Zelfs stewardessen vroegen zich af of het ooit een keer zou stoppen. Salt Lake City, met de zoutvelden waaraan ’t zijn naam dankt:

Op Salt Lake moesten we een uur of 4 wachten voordat we doorvlogen naar Albuquerque. We hadden bewust deze route gekozen, omdat we vorig jaar met 1,5 uur overstappen krap uitkwamen en moesten haasten. Nu ging alles wel erg vlot, ook een rustig vliegveld dus we hebben nog een uur of 2 zitten wachten bij de gate. Een leuk vliegtuig dat naar New York vloog:

We landden rond 18:50 op Albuquerque. Omdat we op SLC al door de douane waren gekomen konden we nu zo doorlopen naar de koffers, die net van de band kwamen rollen. Lekker soepeltjes dus. In de aankomsthal staat een standbeeld van een Indiaan met een adelaar: Dream of Flight:

Vanaf het vliegveld was het nog een minuut of 5 met de shuttle naar Hertz, waar je met Gold Canopy Service zo door kan lopen, een auto uit kunt zoeken en wegrijdt. Er waren geen kleine SUV’s, dus mochten we een Jeep Grand Cherokee meenemen:

Dag 02 - Albuquerque

Vanochtend waren we rond een uur of 4 wakker. Daarna gelukkig nog wel wat kunnen slapen, tot tegen 06:30. We dachten dat wij vroeg waren, maar vanuit het raam zagen we in de verte al een hele lading luchtballonnen vliegen:
 

Wij zaten rond 8 uur in de auto om wat door Albuquerque te toeren. We zijn eerst bij het Spaceship House langsgereden.
 

Het werd gebouwd in 1984 en is ontworpen door Bart Prince. Het was z’n woonhuis en studio.
 

Vanaf daar hebben we een stukje over de oude Route 66 gereden. Een geinig politiebureautje:
 

En een mural, “Reach”, van Mark Horst:
 

Route 66 loopt van Chicago tot Los Angeles en is 3940 kilometer lang. Hij werd geopend in 1926 en veel Amerikanen migreerden via deze weg naar het westen. Albuquerque ligt net iets voorbij het midden van de rit, vanaf Chicago. In het centrum staat een mooi uitziende diner:
 

In het gebouw van een voormalig Phillips 66 benzinestation:
 

Omdat het ’s ochtends nog redelijk koel is (23 graden), zijn we daarna eerst naar Boca Negra Canyon gegaan. De canyon ligt op 1600 meter hoogte. En je moest nog een stukje klimmen voor het uitzicht:
 

Het was nog mooi rustig, de konijnen waren ook net wakker:
 

Dit stukje park is een onderdeel van het Petroglyph National Monument. In het park zijn ongeveer 24.000 oude tekeningen te vinden, die zijn gemaakt door oude Pueblovolken (rond 1300) en Spaanse kolonisten (rond 1700).
 

De lokatie van het park is 200.000 jaar geleden ontstaan door zes vulkaanuitbarstingen.
 

Rond de middag zijn we bij het Rio Grande Nature Center State Park geweest. Bij het visitors center hadden ze een kolibrievoederbak hangen:
 

Een beste uitdaging om die goed op de foto te krijgen, omdat ze zo verrekte snel vliegen en enorm wendbaar zijn:
 

Maar gelukkig bleven ze ook weleens even rustig in een struik zitten poseren:
 

Voor de lunch zijn we naar de Dog House Drive In gereden. Het ziet er wel leuk uit, maar het volk dat er werkt was echt te vaag. We waren duidelijk op zoek naar de ingang van die toko, maar niemand die even zei wat nou de bedoeling was. Uiteindelijk kwam er iemand naar buiten die zei dat je in je auto moest bestellen. Dus dat gedaan en ja hoor: 5 minuten later 2 erg lekkere, en behoorlijk scherpe, chilidogs.
 

Daarna zijn we nog even naar het National Museum of Nuclear Science & History gegaan.
 

Ze hebben hier stukjes lab nagebouwd uit de tijd van het Manhattan Project:
 

En een replica van de Fat Man, die op 16 juli 1945 werd getest in de woestijn van New Mexico. Op 9 augustus werd zo’n bom op Nagasaki gegooid:
 

“The Gadget” was de codenaam voor het eerste proptotype van de atoombom:
 

Er stond ook nog een DeLorean. De auto die gebruikt werd in Back To The Future:
 

Buiten stonden een aantal vliegtuigen. Een B-52 Stratofortress, die sinds 1950 in gebruik zijn.
 

Een MIG-21, hét vliegtuig van de Russen tijdens de koude oorlog:
 

Ze hadden ook nog een replica van de atoombomtest gebouwd. Gewoon een hoge toren, even de bom omhoog takelen en droppen maar!
 

The New Mexico Taco’s. Achterop een F-16:
 

Met deze hitte hebben we wel een milkshake verdiend. De lekkerste, een perzik-shake van Chick-Fil-A:
 

’S middags zijn we gaan zwemmen bij het hotel. Lekker warm water, bij een buitentemperatuur van 34 graden:
 

Aan het eind van de middag zijn we nog even naar Walmart en Dollar Tree gereden en toen gaan eten bij Twisters Burgers & Burritos. Dit is een keten die 4 jaar op rij de “Best Burrito in Albuquerque” award heeft gewonnen. Dus die moesten we toch even proberen en het was in ieder geval anders dan we gewend waren: aardappel als vulling, een beetje vreemd, maar wel lekker.

Dag 03 - Albuquerque

Vanochtend hadden ze tamale bij het ontbijt. Een Latijns-Amerikaanse snack die in een maisblad wordt opgewarmd. Ik moest even googlen hoe je zoiets eet. Maar je moet dus het blad eraf pellen. Scheelt maagklachten:

Vanochtend zijn we de Sandia Mountains ingereden. We kwamen via Route 66, waar een stukje Musical Highway was. De borden waren niet meer aanwezig, maar met en beetje zoeken op Youtube hebben we het stukje kunnen vinden. Als je met 45 mph over de strepen rijdt hoor je “America The Beautiful.” Sandia Crest ligt op 1600 meter boven Albuquerque en 3200 meter boven zeeniveau in het Cibola National Forest:

Het was droog, warm en winderig. Smokey, wat denk je ervan?

Onderweg reden we bijna een hert aan.

Bovenaan had je uitzicht op Albuquerque. Op een heldere dag kan je meer dan 150 kilometer ver kijken.

Helaas was er verder boven niet veel te doen. Het restaurant was gesloten. De giftshop was al jaren dicht. En er stond een afgefikte auto:

Met op de achtergrond een lading antennes voor radio en tv stations:

Dus na een minuut of 20 zijn we weer naar beneden gereden.

Onderaan de berg was het Tinkertown Museum. Een verzameling van rommel en kunst, in 1962 begonnen als een hobby voor Ross Ward.

Met zijn uitgesneden houtfiguren reisde hij carnavals en country fairs af in de jaren 60:

Het mooiste was dat ze er drie van die kolibrie voederplaatsen hadden. Als je stil stond vlogen ze zo dicht langs dat je hun vleugels hoorde brommen en de lucht langs je oren voelde gaan:

Rond de middag zijn we naar Albuquerque Old Town gereden. We zijn eerst naar het Rattle Snake Museum gegaan.

Ze hebben hier de grootste verzameling levende ratelslangen ter wereld. De Eastern Diamondback kan bijna 2 meter 50 lang worden:

De ratel aan hun staart waarmee ze het bekende geluid maken:

Ze hadden ook nog een aantal anders slangen, zoals deze Groene Boompython uit New Guinea.

Een zwarte weduwe, de gevaarlijkste spin van New Mexico. Met gif dat 15x zo sterk is als dat van de ratelslang. Hoewel er per jaar slechts 4 mensen aan een beet overlijden schijnt het wel flink pijnlijk te zijn als je gebeten wordt:

En een agressieve ratelslang die even z’n tanden liet zien! Van de 7000-8000 mensen die jaarlijks worden gebeten overlijden er 5:

Tot slot nog een slang die net een muis aan het verorberen was.

Toen waren we er wel een beetje klaar mee en zijn we Old Town in gegaan.

Het hangt hier van leuke straatjes en steegjes aan elkaar:

Een kunstwerk van een bandje bovenop een gebouw:

Bij Candy Lane verkochten ze Blue Sky Crystal Meth Candy, in de blauwe kleur uit de serie Breaking Bad verkopen. De producers hadden Debbie Ball, de eigenaresse van de shop, voor het eerste seizoen gevraagd of ze de props voor de serie kon maken:

De San Felipe de Neri Church, een rooms-katholieke kerk uit 1793. Het is een van de oudste gebouwen van de stad:

De kerk is grotendeels opgebouwd uit Adobe stenen:

Het altaar:

Een beeld in de tuin:

Het Old Town Plaza, met een parkje in het midden is ontstaan in 1706, toen de Spaanse Gouverneur van New Mexico hier Albuquerque stichtte en volgens de toen geldende wetten een plaza in het centrum moest aanleggen:

Als laatste zijn we bij The Breaking Bad Store geweest. Dit was ook meteen een klein museum over de serie waar ze allerlei props hadden:

Een bureau uit Better Call Saul:

“Welcome to Los Pollos Hermanos”:

’S avonds zijn we bij Red Robin gaan eten, heerlijke hamburgers:

Daarna nog even bij Target gekeken. “Liquid Death”, een creatieve manier om water te verkopen!

En toen zat de laatste dag in Albuquerque erop.

Dag 04 - Op weg naar Santa Fe

Vandaag zijn we naar Santa Fe gereden. Je hebt hier de standaard snelweg, maar je kunt ook de toeristische route nemen, via de voormalige Route 66:
 

Dan rij je dus door dit soort langschappen heen:
 

Mooie cactussen in de berm:
 

Wel oppassen voor overstekende koeien die door UFO’s worden ontvoerd:
 

Schijnbaar zijn aliens nogal populair in dit gebied, hoewel het toch een aardig eind van Roswell afligt:
 

In het dorpje Golden, met een populatie van 19 inwoners, staat de San Francisco de Asis Church:
 

Dit kerkje is gebouwd rond 1830, een aantal jaar nadat de eerste mijnwerkers zich hier vestigden.
 

Op de landerijen langs de weg grazen koeien. De landeigenaren zijn schijnbaar nogal bang dat je op hun land komt, gezien de waarschuwingsbordjes. En het mooie slot:
 

Madrid is een klein hippiedorpje, met kunstenaars en galerieën. Rondom 1890 was het dorp groter dan Albuquerque, maar met het sluiten van de mijnen in 1954 liep de stad leeg. Het stond toen te koop voor $250,000 maar er was geen interesse.
 

Iets verderop staat de Trading Bird Gallery, een familiebedrijfje uit 1988:
 

Ze hebben een geinig klein winkeltje waar ze handgemaakte sieraden en aardewerk verkopen.
 

Geen idee wie dit standbeeld heeft gemaakt, maar het zag er wel mooi uit:
 

Cerrillos Ghost Town is in 1879 opgericht. In het stadje werd turquoise gemijnd. Er wonen nu nog ongeveer 200 mensen. De berg noemen ze Devil’s Throne:
 

Bij het Casa Grande Trading Post & Mining Museum kan je oude voorwerpen, uit de tijd dat er hier naar Turquoise gemijnd werd, zien:
 

Veel van de turquoise die hier uit de grond werd gehaald werd aan Tiffany’s New York verkocht. Tegenwoordig zijn de mijnen niet meer in gebruik. Het stadje moet het nu hebben van het museum. Daarnaast wordt het soms als achtergrond voor films gebruikt. Zo is onder andere Young Guns hier opgenomen.
 

Buiten staan nog een aantal oude wagens:
 

Een kwartiertje verderop ligt de Garden of The Gods. Ze hebben hier een tentoonstelling: ORIGAMIINTHEGARDEN:
 

Het is een tentoonstelling met werken van Kevin Box, een kunstenaar uit Santa Fe:
 

Er staan 13 beelden in tuin en het leek erop dat ze bezig waren om er nog een aantal bij te maken. Waarschijnlijk goede handel, want een miniatuurtje van 10 centimeter hoog moest $400 kosten.
 

Bedankt, maar nee bedankt dus. De laatste stop voor Santa Fe was de Bonanza Creek Western Town Movie Set. De set was vroeger een mijnstadje, opgericht in 1880. Sinds 1940 wordt het regelmatig gebruikt voor filmopnames.
 

In 2021 schoot Alec Baldwin hier per ongeluk Halina Hutchins dood met een wapen dat geladen bleek. De ranch is nu gesloten voor publiek, maar daar hebben we een drone voor. Het was 2,3 kilometer vliegen, met flinke tegenwind, maar dan zie je alsnog het dorpje en de kerk waar het ongeluk gebeurde:
 

Na nog een kwartiertje rijden kwamen we rond 13:00 aan in Santa Fe. Dat was nog iets te vroeg om te kunnen inchecken bij het hotel. Dus zijn we naar Old Town gereden.

Ze hebben hier The Oldest House Museum over, je verwacht het niet, het oudste huis in de VS:

Ze weten niet precies hoe oud het huisje is, maar waarschijnlijk is het ergens rond 1646 gebouwd. Enkele ringen uit het later gebouwde stuk van het huis zijn van rond 1740-1767. Binnen was het behoorlijk klein. En warm:
   

Vlak naast het huis staat de  San Miguel Chapel uit 1628. Dit is de oudste kerk in de VS.
 

De kerk staat in de Barrio de Analco, een nationaal historisch district in Santa Fe. De barrio is opgericht door Mexicaanse Indianen uit Tlaxcala. De kerk werd gedeeltelijk verwoest tijdens een revolutie in 1680. Het huidige gebouw stamt uit 1710.
 

Een standbeeld dat dienst doet als brievenbus:
 

Van de kerk is het een klein stukje lopen naar het New Mexico State Capitol gebouw.
 

Het ronde New Mexico State Capitol gebouw lijkt van bovenaf gezien op het symbool voor de zon. Het is gebouwd in 1966 en kostte destijds een goede 4,5 miljoen dollar om te bouwen. Voor de deur staan een aantal kunstwerken, zoals deze: “Earth Mother”:
 

En “Gate/Negate”. Een 7,5 meter hoge stalen constructie, met 12 silhouetten van gezichten, vliegtuigen en kogelgaten. Er zit prikkeldraad bovenop, en onderop staan de namen van de 458 uitgestorven Indiaanse stammen.
 

Het Lamy Building, ook bekend als St. Michaels Dormitory, is gebouwd in 1878 als het voornaamste gebouw van St. Michaels College:
 

Het gebouw is opgebouwd uit adobe. Oorspronkelijk zat er nog een derde verdieping van hout bovenop:
 

Old Town staat vol met leuke gebouwtjes:
  
 
’S avonds zijn we naar Firehouse Subs gegaan:
  

Ze hebben in elk restaurant een schilderij van de lokale brandweer. Deze beeldt het Zozobra ritueel uit. 1x per jaar, begin september, verbranden ze een 15 meter hoge pop en laten hun problemen achter in het oude jaar.
 

Daarna zijn we nog even door de Santa Fe Place Mall gelopen. Daar was het net zo dood als bij ons. Niks te doen op een maandagavond. Behalve dan in de bioscoop. Dus zijn we naar de Barbiefilm gegaan. Die stoelen hier zijn niet normaal. Je kunt languit liggen. En snurken: wat een saaie bende.

Dag 05 - Snoop in ABQ

Vandaag een dagje rustig aan gedaan. ’S ochtends bij wat winkels in de buurt gekeken.

Het is chili-seizoen hier begonnen en bij veel supermarkten hebben ze van die branders buiten staan:

D’r stond zo’n oud mannetje de boel te roosteren. Die vertelde dat ze de chili roosteren om de smaak sterker te maken en om de niet-eetbare buitenkant makkelijker te kunnen verwijderen.

’S middags hebben we nog even gezwommen, al is het water hier een stukje kouder dan in Albuquerque. Het is buiten ook een graad of 5 kouder. Gelukkig hebben ze ook een jacuzzi.

Aan het eind van de middag zijn we naar Albuquerque gereden voor een concert van Snoop Dogg. Eerst zijn we nog even gaan eten bij de Waffle House, die vreemd genoeg tijdens deze trip alleen in Albuquerque te vinden is:

Daarna zijn we bij Isleta Pueblo langsgereden. Dit is een klein dorpje in het zuiden van Albuquerque.

Het staat helemaal vol met dit soort kleine huisjes. Zandweggetjes ertussen. Een beetje alsof je in Star Wars rondrijdt.

De San Agustín de la Isleta Mission die is in 1612 gebouwd. Volgens het bordje mocht je geen foto's maken. Maar het was onduidelijk of dat voor de kerk gold of voor eventuele ceremonies. Internet staat er vol mee, dus toch maar gedaan:

Op weg naar het stadion kwamen we langs Los Pollos Hermanos uit de serie Breaking Bad.

Naja, eigenlijk is het een Twisters, maar hier werden de opnames gemaakt.

Terwijl wij d'r foto's aan het maken waren stonden er nog een paar toeristen, dus schijnbaar is het nog steeds populair:

’S avonds zijn we naar Snoop Dogg in het Isleta Amphitheatre gegaan.

Er kunnen 15.000 mensen in het openlucht theater. Geniaal zoiets, het is hier bijna altijd lekker weer in de zomer. Nu was het nog 32 graden. Mensen op strandstoelen en kleedjes, een beetje relaxen. Muziek. Festival vibes! Het concert was onderdeel van de High School Reunion Tour. Openingsact was Berner:

Daarna kwam Warren G die in 1991 samen met Snoop Dogg & Nate Dogg “213” begon, naar de area code van Long Beach.

Too $hort. “What’s My Favorite Word?”. Bitch! Het was een avond vol met oudjes, Hij is inmiddels 57:

Daarna kwam Wiz Khalifa, met Black & Yellow:

En Snoop mocht de show afsluiten. Het is 30 jaar geleden dat z’n debuutalbum “Doggystyle” uitkwam:

Hij had Lady of Rage meegenomen, die d’r hit “Afro Puffs“ kwam doen:

En uiteraard een paar paaldansers!

Het hele gebeuren begon rond 18:30 en tegen 22:30 zijn we er tussenuit geknepen. De lokatie ligt bovenop een heuvel en er zijn maar 2 wegen naartoe. Dus als je te laat weggaat sta je eerst nog een uur in de rij voordat je weg kan. En we moesten nog een uurtje terug naar Santa Fe rijden.

Dag 06 - High Road to Taos

Vanochtend zijn we bij een Mexicaans restaurantje gaan ontbijten. Tamales, met ei en chili. Ongenadig heet, en een beetje veel voor als ontbijt:

Daarna even tanken en drinken inslaan. Ze hebben hier een hoop aparte frisdranken:

En toen zijn we op pad gegaan. Vandaag hebben we een flink stuk door New Mexico getoerd. De eerste stop was Camel Rock. Camel Rock is 450 miljoen jaar geleden ontstaan, toen het hier nog onder water stond. In 2017 is er een groot stuk van z’n neus afgevallen, maar je kunt er met wat fantasie nog steeds een kameel in herkennen.

Over fantasie gesproken, zou dit “goeiemorgen” in het Indiaans zijn? K'uuyemugeh!

Daarna zijn we naar Nambé Pueblo gereden, tenminste, dat wilden we. Het is een dorpje uit de 14e eeuw. Ooit gesticht door Indiaanse Pueblo-mensen. Maar eenmaal daar bleek dat pottenkijkers niet gewenst waren:

Iets verderop ligt Nambé Falls. Een kleine waterval, in Indianengebied. Bij de snelweg stond al een vlag te wapperen, kom naar de Falls, ze zijn amazing. Amazing gesloten ja:

Je rijdt hier een heel stuk over de “High Road to Taos”; een toeristische route door de bergen. Dat slingert soms wel aardig door:

De volgende stop was Santuario de Chimayó. Dit is een oude Rooms-Katholieke kerk. Er komen 300.000 bezoekers per jaar en het is daarmee waarschijnlijk de meest bezochte kerk in New Mexico. Sommige pelgrims lopen vanaf Albuquerque. Ze zijn in ieder geval blij om mensen te ontvangen:
 

“Hoe kunnen we die indianen eens even lekker oplichten?”

Foto’s van mensen die hopen dat het helpt als ze ze hier worden opgeplakt. Het lijkt me niet, maar wie niet waagt…

De buitenkant van de kerk:

Binnen mocht je geen foto’s maken, dus maar een plaatje van internet:

Ze hadden een klein modderkamertje, met een gat in de grond waar mensen zand uit meenemen. Rond 1810 zag een local een licht uit de bergen bij de Santa Cruz rivier komen. Toen hij ging kijken vond hij een crucifix, begraven in de modder. Een priester nam de crucifix mee naar de kerk en sindsdien is het hier een bedevaartsoort. Er zit een gat in de grond waar de crucifix ooit lag:

In de hal hangen de krukken van bezoekers die hier genezen zijn:



Ook bij de lokale kunstenaars is Jezus populair:

Een oude houten deur:

En een plek om te bidden:

De Santo Niño Chapel is gebouwd in 1857. Het is ooit gebouwd na een pelgrimstocht naar Mexico. Het was een privekapel tot 1992, maar sindsdien is het geopend voor publiek:

De kapel is helemaal helemaal gerestaureerd.

Het Plaza Del Cerro is ergens rond 1785 gebouwd in het gebied dat nu Chimayo heet. Het een van de weinige overgebleven forten in New Mexico. Er waren wat mannen bezig om de boel te restaureren:

Een van hen vertelde dat hij hier in de buurt was opgegroeid en vroeger altijd bij deze ruïnes speelde. Maar door de jaren heen waren de gebouwtjes langzaam vervallen geraakt, dus daarom waren ze nu bezig om de boel weer op te knappen:

Als volgende stop wilden we naar de Santo Rosario Church in Truchas. Maar er was geen mobiel internet en TomTom reed steeds verder de verkeerde kant op. Dus zijn we maar omgedraaid, want we hadden geen zin om zo terug gevonden te worden:

De San José de Gracia Church in Truchas konden we wel vinden. Het dorpje Truchas is in 1754 gesticht en ligt op 2500 meter hoogte.

De San Antonio de Padua Church in Cordova is een historische kerk aan State Road 63. Het is gebouwd tussen 1903 en 1906. Van buiten stelt het niet veel voor, maar goed. Als je toch aan zo’n kerkrondrit bezig bent:

De Nostra Senora de San Juan Chapel in Talpa. Het is een kleine kapel uit het begin van de 18e eeuw die is gebouwd op voormalig Spaans land

De San Francisco de Asis is een katholieke kerk in Ranchos de Toas. De kerk is gebouwd tussen 1772 en 1816, op de plek van een voormalige andere kerk. New Mexico werd in die tijd geregeerd door Spanjaarden.

De kerk wordt jaarlijks voorzien van een nieuwe laag modder. En Jezus zag dat het goed was:

Sinclair, de mascotte van het tankstation:

Iets verderop ligt Taos. Een van de bekendere dorpjes in New Mexico. Taos Plaza ligt in het midden van de stad. Omdat alles hier tegen elkaar aangebouwd is, zijn veel van de gebouwen vroeger bij een brand verloren gegaan. De gebouwen die nu rondom het plein staan stammen uit 1930. We zijn er wezen kijken maar de auto niet uitgeweest, omdat het er nogal druk en ongezellig uitzag.

Taos is vooral bekend vanwege de Taos Pueblo: een klein dorpje waar nog indianen wonen. Normaal gesproken kan je het dorp bezichtigen, maar net nu wij er zijn is het twee weken gesloten. Het dorp is waarschijnlijk ergens tussen 1000 en 1450 ontstaan en staat nu op de Werelderfgoedlijst. Het zijn allemaal kleine huisjes die tegen elkaar aangebouwd zijn. Een soort eerste versie van een flatgebouw:

De Rio Grande Gorge Bridge ligt een meter of 200 boven de rivier en is daarmee de op één na hoogste brug op een snelweg in de VS. De brug is in 1960 gebouwd, terwijl er aan de overkant nog geen weg was aangelegd. Daarmee kreeg hij de bijnaam ‘The Bridge to Nowhere’:

Española was oorspronkelijk de hoofdstad in New Mexico toen de Europeanen hier de boel runden. Destijds heette het nog San Gabriel. Het is gesticht in 1598 in de Yungue Uingue (Ohkay Owingeh) Pueblo. Hier staat de Iglesia de la Santa Cruz de la Cañada kerk.

’S avonds zijn we maar eens naar Chipotle gegaan.

Het ligt tegenover het rangeerterrein van Santa Fe:

De New Mexico  Rail Runner Express:

Daarna zijn we nog even bij Meow Wolf langsgereden. Dit is een soort kunstproject/museum. Op de parkeerplaats voor de deur staat een 10 meter hoog beeld van een robot, gemaakt door Christian Ristow:

Iets verderop staat een groot beeld van een wolf: 

En sinds kort staat er ook een grote tarantula, ontworpen door Christina Sporrong:

Al met al een mooi lange dag vandaag… 
 
Dag 07 - Old Town Santa Fe

Een bidsprinkhaan bij de deur van het hotel:

Zo kan je natuurlijk ook op de Harley door Amerika:

Vanochtend zijn we gaan ontbijten bij IHOP. In 1958 begonnen in California, inmiddels zijn er 1532 vestigingen in de Verenigde Staten:

Een Bourbon Bacon Jam Eggs Benedict:

“Our Lady of Guadalupe”, de oudste shrine in de VS voor Lady Guadalupe, de beschermheilige van Mexico:

In de Old Town van Santa Fe hangt het van winkeltjes aan elkaar. De meesten hebben wel iets met Indianen:

De Loretto Chapel is gebouwd in 1878. Het is een voormalige rooms-katholieke kerk die nu wordt gebruikt als museum en trouwkapel:

Hij staat bekend om z’n zwevende wenteltrap, die 6 meter hoog is, maar niet wordt ondersteund door een centrale paal. De trap heeft 33 treden. Gelijk aan de leeftijd van Jezus toen hij werd vermoord.

De Cathedral of Basilica of St. Francis of Assisi is een Romeins Katholieke kathedraal in downtown Santa Fe. De kathedraal is gebouwd tussen 1869 en 1886, op de plek van een voormalige Adobekerk.

Binnen staat nog een oud altaar, de rest van de kerk is later bij- en herbouwd:

De binnenkant van de kerk is mooi licht. Het ziet er allemaal nogal vrolijk uit:

Een standbeeld voor de deur, van Saint Kateri Tekakwitha:

Het Santa Fe Plaza is een nationaal historisch monument in het centrum van Santa Fe.

Het is gebouwd in de stijl van traditionele Spaans-Amerikaanse koloniale steden.

Het Palace of the Governors is een bouwwerk van adobe. Het gebouw diende eeuwenlang als zetel van de regering van de staat New Mexico. Het Palace of the Governors is het oudste bouwwerk dat continu in gebruik is geweest als openbaar gebouw in de Verenigde Staten.

Het New Mexico Museum of Art, in een gebouw uit 1916:

En het parkje bij Santa Fe Plaza:

Poopin’ with Pootin!

Ze verkopen hier overal chilipepers:

Niet zo gek, in de Chile capital of the World:

Vanaf the Old Town zijn we met de auto over Canyon Road gereden:

Dit is een straatje met meer dan 100 kunstgalerijen en boetieken:

Zelfs de brandkraan moet eraan geloven:

Origami schapen:

Een blij rood mannetje, “Happy Boy” van Barrett de Busk, uit Texas:

Een blokjeshoofd, “Brickface” van James Tyler, als je nog $45.000 hebt liggen:

Mooie gebouwtjes:

En een boom met kettingen:

“Earth Mother, Offerings For A Good Life”:

Een groot paardenhoofd bij de Ronnie Layden Gallery:

Tussen de middag hebben we een hotdog bij Chicago Dog Express gegeten. De fully loaded Chicago Dog noemden ze deze:

Een lokaal krantje:

Bij het Santa Fe Railyard Arts District lag een standbeeld van een UFO. “Impact”, gemaakt door Bob Davis:

De Rail Runners staan hier klaar om weg te sprinten. Ze rijden vooral tussen Sante Fe en Albuquerque:

Geen railyard zonder graffiti:

R. Hero, de hond van de brandweer. Er zijn 25 van dit soort beelden in de VS:

’S middags zijn we bij de Santa Fe Outlets gaan kijken. Het was er uitgestorven, en sommige winkels waren gesloten. Dus daar waren we rap doorheen.

Op weg naar het hotel zijn we bij de Wingstop langsgereden om wat Lemon Pepper Tenders te halen. De keten is opgericht in 1994, inmiddels hebben ze meer dan 1400 vestigingen, waarvan rapper Rick Ross er 30 schijnt te runnen en het graag promoot:

- “Came from the hood, ain’t nothing changed/Still lemon pepper on my motherfucking wings.”

- “Wingstop owner, lemon pepper aroma/Young black nigga, barely got a diploma.”

- “Six mill' for the condo, that extra two for that terrace/All I want is that lemon pepper, but the flavors vary.”


’S middags hebben we een beetje zitten chillen op de kamer. CNN aan, waar ze de trip van Trump naar Atlanta aan het volgen waren:

Na het eten zijn we nog even bij El Paisano Supermarkt gaan kijken. Een Mexicaanse keten waar je Guadalupebeeldjes kunt kopen:

En een vak verder de worstelmaskers liggen:

’S avonds werd Trumps mugshot vrijgegeven:

Dag 08 - Bandelier & Los Alamos

Vanochtend zijn we rond half acht naar Bandelier National Monument gereden.

Als je voor 9 uur binnen bent dan mag je met je eigen auto het park in. Tussen 09:00 en 15:00 moet je met de shuttle. Op zich mooi, maar minder handig.

Net voor je het park inrijdt zie je een grote satellietschotel. Er staan 10 van deze VLBA’s verspreid over Amerika:

Uiteindelijk parkeer je bij het visitor’s center en dan kan je een rondje lopen. Bandelier National Monument is 33.677 hectare groot.

Wij hebben de Pueblo Loop Trail gedaan. Een rondje van ongeveer twee kilometer.

Je komt langs oude rotswoningen, die tussen 1150 en 1550 bewoond waren. Er was hier vroeger een dorpje met kleine huisjes waar ongeveer 100 mensen woonden. Daarnaast woonden er nog ongeveer 400 mensen in de rotswoningen:

De woningen in de rotsen zijn heel klein: misschien 2 bij 2 meter en anderhalve meter hoog. Ze zijn met de hand uitgehouwen. Rond 1600 zijn de dorpen verlaten en de bewoners dichter bij de Rio Grande River gaan wonen.

Langs het pad staan mooie bloemen:

Deze woningen noemden ze “Long House”. In de gaten zaten vroeger houten balken om de boel te ondersteunen:

Een van de weinige cactussen die nog in bloei stond:

Zo’n beetje halverwege de Pueblo Loop kon je nog een stukje extra lopen naar het Alcove House dat een meter of 50 omhoog ligt. Er woonden vroeger waarschijnlijk zo’n 25 mensen in deze grotwoning:

Je komt er door een serie ladders te beklimmen:

Het uitzicht van bovenaf:

En dan weer naar beneden:

Terug door de bossen:

Waar we opeens vlak naast ons een paar herten zagen!

Vanaf Bandelier zijn we naar het naastgelegen Valles Caldera. Dit gebied is ruim 1 miljoen jaar geleden is door een vulkaanuitbarsting ontstaan. Het gebied staat nu bekend om z’n mooie bergweides, wild en riviertjes. 

Daarna zijn we naar Los Alamos gereden. Het dorp is bekend van het Manhattan Project. Het geheime project van Oppenheimer & co om een atoombom te maken. Tegenwoordig zit er het Los Alamos National Laboratory waar je doorheen mag rijden nadat je bij een checkpoint bent geweest. Wat ze er precies doen is een raadsel.

In het centrum van Los Alamos ligt Bathtub Row. Dit was de bijnaam voor het straatje waar de hooggeplaatste medewerkers woonden. Degene die een badkuip in hun huis hadden. Dit is het Hans Bethe House:

Hans Albrecht Bethe was een Amerikaans natuur- en sterrenkundige van Duitse afkomst. In 1967 won hij de Nobelprijs voor zijn ontdekking van energieopwekking in sterren in de jaren 1930. De oude keuken in het huisje:

Het Oppenheimerhuis uit 1929. Oppenheimer woonde er van 1943 tot 1945.

Het huis is gesloten voor publiek, omdat ze het pas sinds een paar maanden in bezit hebben en het eerst gerenoveerd moet worden. Je kon wel even door de ramen gluren:

De Romero Cabin, gebouwd in 1913 en eigendom van Victor Romero. Het is een van de laatst overgebleven cabins in deze regio, omdat de meeste bij een grote brand in 2000 zijn verwoest.

Er staan twee standbeelden in het dorp. Van Oppenheimer en generaal Leslie Groves, die het atoombomproject vanuit een militair standpunt leidde.

Het postkantoor, dat hier in 1948 is gebouwd op de plek van het oude postkantoortje. Tijdens het Manhattan Project werd de post van alle inwoners van Los Alomos op dezelfde postbus ontvangen: PO Box 1663, Sante Fe, New Mexico.

Het Bradbury Science Museum is de belangrijkste openbare faciliteit van het Los Alamos National Laboratory, maar er werd nog steeds niet duidelijk wat ze er nou doen. Naja, modellen van bommen maken:

Een groot beeld van een Bald Eagle. Opgedragen aan de veteranen die hebben gediend tijdens de koude oorlog:

Een oude wachttoren, die tijdens WW2 bij de ingang van het project stond. Het dorp stond destijds niet op de kaart en de bekende wetenschappers kregen valse namen. Na de oorlog ging het werk aan atoomwapens hier verder. Tot 1957 mochten buitenstaanders het dorp niet betreden.

Anderson Overlook, aan highway 502:

Op weg naar Bandelier heb je vanaf de White Rock Overlook mooi uitzicht op de Rio Grande River, met iets dat lijkt op een slapende draak:

’S avonds zijn we bij Blake’s Lotaburger gaan eten.

Deze keten uit 1952 komt oorspronkelijk uit Albuquerque en heeft nu 75 vestigingen, voornamelijk in New Mexico en Texas. Aardbeienmilkshakes:

En een regenboog om de laatste dag in Santa Fe af te sluiten:

Dag 09 - Op weg naar Durango

Vandaag hebben we een lange rit naar Durango gemaakt. 420 kilometer, grotendeels door de bergen. Onderweg zijn we een paar keer gestopt. Eerst in Abiquiu bij Santa Rosa de Lima, dat een vroege 18e eeuwse Spaanse nederzetting was. De Santo Tomás Church is in 1937 herbouwd, nadat een eerdere kerk op deze plek was afgebrand:

Het is een klein kerkje, met een binnenkant die bijna helemaal van hout is. Als je erdoorheen loopt kraakt de vloer onder je voeten. Ze hebben nu wel twee brandblussers bij de deur hangen, dus ze hebben hun lesje geleerd:

De volgende stop zou Plaza Blanca moeten worden. Na 3 kilometer over een zandweg te hebben gereden kwamen we bij de ingang. Die bleek dicht te zitten, omdat het op privéterrein ligt. Je had je van tevoren aan moeten melden. Gelukkig waren ze behulpzaam via de intercom en mochten we alsnog naar binnen. Het zijn mooie witte rotsformaties. “Cowboys and Aliens”, met Harrison Ford is hier opgenomen.

Op hetzelfde terrein als Plaza Blanca ligt de Dar al Islam. Dit is een moslim opleidingscentrum. Het is gebouwd in 1979. Op het hoogtepunt waren er hier 60 studenten. Tegenwoordig doet het meer dienst als retreat voor lokale bewoners. Toen wij het terrein opreden kwamen er een stuk of 10 auto’s vandaag gereden. Bizar dat het zo populair is:

Terug op de snelweg was het uitzicht erg mooi:

Hele stukken snelweg zien eruit alsof je door een natuurpark rijdt:

Na zo’n anderhalf uur kwamen we aan bij de De Ghost Ranch. Dit was een voormalige ranch waar Georgia O’Keeffe veel van haar schilderijen heeft gemaakt. Het staat ook bekend om de vele fossielen die er zijn gevonden. Maar vandaag was het gesloten. Nou was die ranch niet zo bijzonder denk ik, het ging meer om de omgeving, En die was inderdaad erg mooi:

Een kilometer of 10 verder ligt het Echo Amphitheatre. Volgens de legende werden hier in 1861 twee kolonistenfamilies vermoord door indianen. Hun bloed liep langs de wanden waardoor het rood werd. Drie jaar later werden de navajo-indianen zelf vermoord door de U.S. Army, waardoor er nog meer bloed naar beneden liep. Ze zeggen dat je hun geschreeuw kunt horen in de echo van de wanden:

Prachtig allemaal, maar we moeten in Durango zien te komen, dus rijden we verder, door de graslanden richting Colorado:

En ja hoor, na een uur of twee rijden: Welcome To Colorful Colorado:

Het valt wel op dat het hier meteen een stukje groener is dan in New Mexico. Dat zal wellicht komen door alle regen. Inmiddels begon de lucht een beetje te betrekken.

Chimney Rock ligt in de San Juan Mountains in het zuidwesten van Colorado. De top ligt op 2100 meter hoogte:

Bij Durango zijn we eerst naar Walmart gegaan. Het begon net te plenzen dus dat kwam goed uit.

Ze verkopen er lekkere minitaartjes:

Als je niet tegen alle drukte in zo’n winkel kan, dan mag je op zaterdagochtend terugkomen. Geen idee wat ze dan gaan doen. Misschien gaat iedereen op pantoffels lopen en fluisteren tegen elkaar?

Een kano zou wel goed van pas komen nu:

Want na die bui van zojuist loopt er nu een klein riviertje over de weg:

Wel apart: het regende ongeveer 10 minuten snoeihard, maar daarna is het ook meteen weer droog en komt de zon door. Dus zijn we maar eens in het centrum van Durango gaan kijken. Durango is in 1879 gesticht door de Denver & Rio Grande Railway.

Ze zijn hier wel duidelijk. En hebben humor:

Het Strater Hotel is gebouwd in 1887. Vroeger verbleven inwoners van Durango in de winter in het hotel omdat het daar lekker warm was. Het hotel kostte destijds $70.000 en bestaat uit 376.000 rode bakstenen:

Een muurschildering, van Durango in 1890:

Aangezien de zon weer scheen en het dan meteen 26 graden is, was het tijd voor een ijsje:

Bij Cold Stone Creamery, een Strawberry Blonde:

Tegen 16:00 kwamen we aan bij The Lodge at Tamarron. We hebben hier een huisje gehuurd. Vooraf was niet helemaal duidelijk waar het nou precies was. Maar het is er dus zoeen:

Een soort cabin, tussen de bergen en naast een golfbaan:

Ik heb nog even zitten wachten in de wachtruimte, omdat de kamer nog niet klaar was:

Maar toen konden we dan toch naar de kamer. Eerst maar eens even bijkomen op het balkon:

Waar de kolibries ook aanwezig bleken te zijn:

De buren hebben zo’n voederbak hangen, dus ze vliegen af en aan!

’S avonds zijn we terug richting Durango gereden. We hebben gegeten bij “Serious Texas Bar-B-Q”. En serieus waren ze:

The Sampler, met Brisket, Pulled Pork, Kalkoen, worstjes en ribs:

Na het eten zijn we nog even bij Pinkerton Hot Springs gaan kijken. Het water dat eruit loopt is tussen de 35 en 40 graden Celsius. Ze denken dat het smelt- en regenwater is dat de aarde insijpelt tot het niet meer verder kan. Door de warmte in het binnenste van de aarde, of door magma, wordt het opgewarmd en komt het water terug naar de oppervlakte.

Aan het eind van de dag kwam er nog weer een regenbui voorbij. En wederom een regenboog:

Dag 10 - The Million Dollar Highway

Vanochtend de wekker om 06:30 gezet om de F1 race van Zandvoort te kunnen kijken. Het begon net een beetje licht te worden hier:

Toen de race tegen negen uur werd gestaakt vanwege de regen zijn we richting Ouray gereden; een dorpje in de San Juan Mountains.

De weg naar Ouray gaat over de Million Dollar Highway. De weg staat bekend als een van de gevaarlijkste van de VS. Vooral omdat er op sommige plekken geen vangrail is.

De Million Dollar Highway is in 1880 uitgehakt door een Russische immigrant, om erts van Silverton naar de spoorlijn in Ouray te transporteren. Het was oorspronkelijk een tolweg. Tegenwoordig is het een van de mooiste wegen van de VS.

Er vinden zo’n 40 ongelukken per jaar plaats, met gemiddeld 7 doden per jaar:

Mooie rode bergtoppen. In een stuk dat Red Mountain Pass wordt genoemd:

De Molas Pass ligt in het San Juan National Forest. De weg eroverheen ligt op een hoogte van 3350 meter en is onderdeel van de San Juan Skyway; een Scenic Byway van 400 kilometer lengte.

Silverton, een dorpje met 651 inwoners dat op 2840 meter hoogte ligt. Het dorpje is gesticht in 1873 en heette vroeger “Bakers Park”.

De Shady Lady Saloon in Silverton. Het pand is gebouwd in 1888 en was het laatste bordeel van Silverton. Het is gesloten in 1947 en nu zit er een restaurant in.

Kleurrijke winkeltjes in Silverton:

De eerste mensen kwamen hier wonen rond 1860 toen er goud werd gevonden. De laatste mijn in Silverton werd in 1992 gesloten.

Een paar kilometer verderop stonden de overblijfselen van de Idarado Mine. Dit was een van de grootste en productiefste zilvermijnen van Noord Amerika.

De mijn was open van 1939 tot 1978. In het gebied hieromheen waren bijna 100 mijnen actief, die al hun afval loosden in de beekjes die door het gebied lopen. Ze proberen nu te zorgen dat regenwater niet meer in contact kan komen met de resten van de mijnbouw, zodat het water hopelijk schoner zal worden.

De huisjes die hier staan zijn in 1948 van een andere mijn hierheen verhuisd. Ze zijn in gebruik geweest tot de Idarado mijn werd gesloten:

Bear Creek Falls. Een 40 meter hoge waterval die onder de weg doorloopt:

Het gebied eromheen is erg groen allemaal, dus er zal hier genoeg regen vallen:

Ouray wordt ook wel het Zwitserland van Amerika genoemd. De bergtoppen om het dorp heen doen denken aan de alpen. Er zijn geen winkelketens in het dorp; alle winkels zijn van lokale eigenaars.

Vanaf High Point Lookout zie je Ouray beneden in het dal liggen:

Vlak voordat je het dorp inrijdt heb je de Box Canon Waterfall.

Na een klein stukje lopen, door een smalle canyon, waar je deels onder de rotsen loopt, kom je bij de waterval:

Vroeger in de zomer vliegen hier zwarte gierzwaluwen rond. Ze leggen 1 ei per jaar. In de winter vliegen ze non stop terug naar Brazilië. Een afstand van zo'n 7000 kilometer. Tijdens de 8 maanden in Brazilië verblijven ze 99% van de tijd in de lucht. Helaas was er nu geen zwaluw te bekennen. Op een opgezette na:

Bij het oprijden van de parkeerplaats waarschuwden ze voor overstekende chipmunks:

En inderdaad. Er liepen er een stuk of 10 af en aan:

Op sommige van de hoge bergtoppen langs de route ligt nog sneeuw:

Downtown Ouray. Hier gebeurt het.

We wilden eigenlijk gaan zwemmen bij Ouray Hot Springs, omdat het zo mooi tussen de bergen ligt. Maar omdat de lucht steeds donkerder werd en het er naar uit zag dat het zou gaan regenen hebben we dat maar niet gedaan. Wel mooi om te zien:

Voordat we terug zouden rijden dachten we een lekker broodje te kunnen halen. Maar die waren in wel erg veel vet gebakken. En waarom er standaard een zakje chips bij moet?

Een beetje misselijk, van het eten en het rijden door alle bochten, kwamen we terug bij het park. Dus de hoogste tijd om eens even te chillen in het zwembad en de jacuzzi:

’S avonds zijn we bij James Ranch gaan eten. Ze noemen het een “Table on the farm” concept:

Ze hebben hier hun eigen Angus koeien lopen, die lokaal worden geslacht voor de hamburgers:

En die zijn erg lekker! Een Basic Burger en een Blue Cheese Bacon BBQ Burger:

Een mooie zonnebloem:

Op weg terug zijn we nog even langs Baker’s Bridge gereden. Dit is een brug bij een riviertje waar de lokale jeugd vanaf springt in het water eronder. Het begon net te regenen, dus iedereen was aan het opruimen:

Een voordeel van die regenbuien: elke keer een regenboog:

Je ziet hier langs de weg enorm veel paarden in de wei staan. Waarschijnlijk lopen er toch nog een hoop verstokte cowboys rond in Durango!

En dat was het dan alweer, voor onze korte stop in Colorado. Morgen rijden we naar Monument Valley.

Dag 11 - Naar Monument valley

Na twee nachten in Durango was het tijd om verder te reizen. Nog 1x zwaaien naar de Twin Buttes:

We wilden eigelijk naar Mesa Verde National Park gaan, maar er waren daar enorme vertragingen door wegwerkzaamheden. Dus die hebben we maar overgeslagen.

Opeens stonden er een paar schapen langs de weg. Geen idee bij wie ze hoorden en er was ook geen afrastering:

We zijn gestopt bij Four Corners Monument. Dit is het vierstatenpunt waar de staten Arizona, Colorado, Nieuw-Mexico en Utah aan elkaar grenzen:

Ze weet dat je in indianengebied bent als alles opeens geld moet kosten: 2 x $8 om dit fantastische monument te mogen zien. Of anders bekeken: 8 dollar per foto:

Op weg naar Monument Valley kom je ook door verschillende staten heen:

Net in Arizona kwamen we langs Red Mesa, genoemd naar de rots naast de weg. Het is ook de naam van het dorpje, waar 237 mensen wonen.

We zijn nog even gestopt bij de Twin Rocks Trading Post in Bluff. Deze stenen zijn bekend als de Navajo Twins:

Iets verderop lag het Valley of The Gods Park. Omdat dat nogal een stukje omrijden was heb ik daar maar wat dronefoto’s gemaakt:

Je rijdt hier soms echt in de middle of nowhere:

Wel heel erg mooi om te zien, je valt van de ene verbazing in de andere, omdat achter elke heuvel weer een nieuw mooi landschap kan zitten:

Mexican Hat Rock, aan US-163:

De volgens stop was Goosenecks State Park. Het ligt aan de zuidelijke grens van de staat Utah in het westen van de Verenigde Staten. Het ligt aan een diepe meander van de rivier San Juan. Deze rivier stroomt hier 8 kilometer lang door een gebied dat in vogelvlucht maar 1,6 kilometer breed is:

Vanaf Forest Gump Point zie je Monument Valley in de verte liggen:

Omdat we tegen half drie bij Monument Valley aankwamen, maar je pas om 16:00 kon inchecken hebben we de 17 mijl lange Monument Valley Scenic Drive gereden. Het begon al mooi, met uitzicht op de mittens:

Elephant Butte, inderdaad met een beetje fantasie…

John Ford’s Point, naar de director van de film “Stagecoach”, met John Wayne:

Yei Bi Chei en Totem Pole. De totempole is bijna 100 meter hoog:

Dit was een beetje het type weg dat je moest rijden. 25 kilometer trillend op de stoelen:

North Window:

Tegen het einde van de route werden we nog ingehaald door een paar wilde paarden:

Na bijna 1,5 uur waren we helemaal losgetrild. Gelukkig konden we nu inchecken bij de cabin van het View Hotel:

Daarna hebben we een tijd bij de cabin op de veranda gezeten. Dit is dan het uitzicht:

De cabins staan precies op de juiste plek, voor mooi uitzicht over Monument Valley:

Nog even samen op de foto dan maar. Je bent toerist of je bent het niet:
S’ avonds zijn we nog even bij de giftshop en het Visitor's Center gaan kijken. Wat een beste onderneming is, met 32 graden in de volle zon.

En daarna nog even lekker op het balkon gezeten, wachtend op zonsondergang:
Rond 21:00 was het al flink donker:

En dit was rond 02:00 's nachts, 10 seconden op de iPhone op nachtstand. Helaas is het zelfs hier 's nachts niet helemaal donker:

Dag 12 - Monument Valley, Antelope Canyon & Bryce

Vanochtend hebben we de wekker om 06:25 gezet om de zonsopkomst te kunnen zien. En die was erg mooi:

De cabin staat precies goed voor het uitzicht, maar de zon schijnt er wel recht naar binnen.

Het warmt hier vrij snel op en buiten het uitzicht en de Monument Valley Loop die we gisteren hebben gereden is er niet veel meer te doen.

Dus na het ontbijt hadden we het wel gezien en zijn we op pad gegaan:

We moesten eerst een stuk van 200 kilometer rijden om in Page te komen. Daar zijn we naar de Horseshoe Bend gegaan. Horseshoe Bend is bocht in de Colorado River. De bocht ligt stroomafwaarts van de Glen Canyondam en het Powellmeer. Waar er voorheen een paar duizend toeristen per jaar kwamen, ontvangen ze er nu 1,5 miljoen!

Van Arizona naar de Navajo Nation kregen we een uurtje kado, tijd: 09:04, aankomst over 51 minuten: 08:55

Even bij de Walmart gestopt om wat extra drinken in te slaan. Je blijft je verbazen over de verpakkingen die ze hier verkopen. 5 kilo gehakt:

Van Walmart zijn we naar de Glen Canyon Dam Overlook gereden. Na een korte wandeling kom je bij het uitzichtpunt:

Vlakbij de dam zou "The New Wave" moeten liggen; een klein parkje met mooie rotsen. Maar toen we er eenmaal waren stond er nergens iets aangegeven. Dus heb ik maar eens vanuit de lucht gezocht:

Tegen 11:30 zijn we naar Antelope Canyon Tours gereden. We hebben tickets voor de tour van 12 uur geboekt, wanneer de zon precies boven de Canyon staat.

Antelope Canyon bestaat uit twee kleine canyons: Lower Antelope Canyon en Upper Antelope Canyon.

Dit moest een hart voorstellen:

De Upper Antelope Canyon is zo'n 400 meter lang en 44,3 meter diep.

De canyons zijn zogenaamde slot canyons. Dit zijn smalle kloven die door water of modder zijn uitgesleten. Een week of twee terug, toen het hier ook noodweer was door de orkaan aan de westkust, stond het water 12 meter hoog in de canyon.

De tour guide wist de mooiste plekken om een foto te maken:

Voorheen moest je aan het einde van de canyon via dezelfde weg terug naar het begin lopen. Sinds corona hebben ze dit aangepast en moet je buitenom over de heuvel heen terug naar het begin lopen.

Daarna was het nog een minuut of 20 terug rijden naar Page:

En toen was het tijd om naar Bryce Canyon te rijden. Dat was nog een trip van bijna 3 uur. Langs mooie stukjes snelweg:

En Bryce ligt in een andere tijdzone, waardoor we een uur extra verloren.

Hoe dichterbij je komt, hoe meer de rotsen langs de weg qua kleur op Bryce Canyon beginnen te lijken:

Een kilometer of twintig voor die ingang ligt Red Canyon:

En je komt nog door twee van zulke tunnels:

Toen we rond 17:30 het park in kwamen rijden stonden er herten langs de weg te grazen. De familie Bambi & co:

We hebben een Western Cabin geboekt. Dit zijn kleine huisjes in het bos die vlakbij de rand van Bryce Canyon staan.

Bryce Canyon, mooie groene weides:

S 'avonds hebben we nog een stukje langs de rim gelopen. Sunrise point:

En een panoramafoto van de rotspartijen hier:

En tot slot langs Sunrise Point, dat op een meter of 200 van de cabin ligt:

Bryce Canyon is een van de donkerste plaatsen van de VS. Als je hier op het juiste moment bent kan je ’s nachts de melkweg zien. Helaas was het nu bijna volle maan, dus dan zie je vooral sterren:

Dag 13 - Bryce Canyon

Vanochtend opnieuw vroeg opgestaan voor een zonsopkomst. We waren er een half uurtje voordat de zon opkwam. Alsof er een bosbrand aan de gang was:

Er waren al aardig wat mensen op de been:

Een paar minuten voor 7 was het zover:

De kleuren zijn hier altijd al mooi, maar zo met de ochtendzon erop is het helemaal schitterend om te zien:

De zon tussen de bomen door in de ochtendmist. Heerlijk stil:

Een vroege vogel. Een Steller’s Jay:

Een mooi overzicht vanaf Sunset Point:

Na het ontbijt zijn we een rondje door de canyon gaan lopen:

Het was nog best koud boven. Een graad of 10, dus we hadden een dikke trui en een jas aan.

We zijn via de Navajo Loop naar beneden gegaan.

Vrij aan het begin kom je langs het stuk dat ze Wall Street noemen:

We waren nog geen 10 minuten onderweg of het begon al flink warmer te worden:

Wel mooi, om zo tussen de rotsen te lopen. Bryce Canyon dankt zijn naam aan de Mormoonse pionier Ebenezer Bryce, die van 1875 tot 1880 aan de voet van Bryce Canyon woonde. In 1924 werd het gebied uitgeroepen tot nationaal park.

Dit was het beginstuk van het pad naar beneden. De canyon is zo’n 240 meter diep:

Two Bridges:

Eenmaal beneden loop je tussen de bomen door, dus dan is het heel iets koeler:

Met mooie uitzichten omhoog:

Vanaf de bodem van de canyon hebben we de Queens Garden Trail gevolgd. Uiteindelijk kom je dan bij Sunrise Point weer naar boven. Op sommige stukken moet je door een klein tunneltje in de rotsen:

Sommige cheaters zijn te lui om te lopen:

De klim omhoog viel flink tegen. Het warmt hier aardig snel op. Dus na anderhalf uur lopen was het inmiddels een graad of 23. Klimmend, spijkerbroek, trui en jas aan…

Maar we hebben het gered.

Eenmaal boven is het gelukkig allemaal weer vlak, lekker tussen de bomen door.

Even terug naar de cabin, om bij te komen.

’S middags zouden we naar de Willis Creek Slot Canyon rijden. Het was al wat vaag dat Google aangaf dat de laatste 10 kilometer rijden nog 20 minuten zouden duren. Dat bleek dus over een dirt road te gaan. Na het een kilometer geprobeerd te hebben zijn we maar omgekeerd. Het uitzicht was wel mooi:

Vanaf daar zijn we richting Kodachrome Basin State Park gereden. Dat zou 5 kilometer zijn, maar toen we er volgens de routeplanner zouden moeten zijn stonden we in de middle of nowhere:

Dat schoot niet op, dus maar een rondje foto’s vanuit de lucht gemaakt:

Zo apart dat je aan de ene kant rode rotsen hebt, en als je de andere kant op kijkt heb je dit:

En weer een stukje verder zie je dit. Wat ook wel mooi was om te zien vanaf de weg: ineens zo’n grote rotswand waar je op af rijdt:

Ze blijven mooi, die Amerikaanse schoolbussen:

Op weg terug naar Bryce zijn we bij de mossy cave gestopt. Bryce Canyon is eigenlijk niet echt een canyon, omdat er geen rivier doorheen loopt.

Het water dat hier stroomt is in 1892 door kolonisten aangelegd, door een stroom water van een hoger gelegen plateau deze kant op te dirigeren.

De ingang van Bryce Canyon National Park:

Waarschuwing voor overstekende prairiehondjes:

En inderdaad, ze zitten er:

’S middags ben ik nog even een rondje langs alle viewpoints gaan rijden. En dat zijn er nogal wat hier. De Natural Bridge ligt op 2600 meter hoogt. De boog is 26 meter breed.

Door weersinvloeden breken er steeds stukjes af. De boog kan dus nog honderden jaren blijven staan, of morgen in elkaar vallen:

Farview Point. Waar je inderdaad een best eind weg kunt kijken:

Inspiration Point, dit leek een van de populairdere viewpoints te zijn.

Misschien door het uitzicht, of omdat mensen hier werkelijk denken inspiratie te kunnen opdoen:

Het mooiste en meteen het drukste viewpoint was Bryce Point. Hier kwamen ze letterlijk met busladingen tegelijk aanrijden.

Je kunt hier een groot deel van het park overzien en ook erg ver wegkijken. Ergens rechts op de foto ligt een berg die meer dan 100 kilometer verderop ligt.

De laatste stop was Paria View. Paria betekent schijnaar “water met modder”. Ergens onderaan de canyon loopt een riviertje.

’S avonds zijn we bij Showdowns gaan eten; een klein tentje in een dorpje verderop waar ze live muziek hadden:

En een biertje uit Utah:

Langs de weg zie je hier regelmatig van zulke sproeisystemen die op wielen door het veld heenrijden. Het ziet er allemaal wat gammel uit, maar schijnbaar werkt het:

De Bryce Park Shuttlebus:

En nog een hert dat langs de weg stond te grazen:

Dat was het voor Bryce, morgen rijden we richting Las Vegas:

Dag 14 - Op weg naar Las Vegas

Vandaag een aardige rit gemaakt. We zijn rond 8 uur vertrokken richting Las Vegas. Uitzwaai committee langs de weg:

Het uitzicht als je bij Bryce het park uitrijdt:

We zijn nog even gestopt bij Red Canyon. Butch Cassidy zou regelmatig over dit pad gereisd hebben. Hij had een cabin iets ten noorden van hier:

Smokey de beer:

Na een uurtje rijden zijn we gestopt bij The Belly of the Dragon. Dit is een tunnel van een meter of 100 onder een snelweg door. De tunnel ziet eruit als de binnenkant van een draak:

Vlak voor de ingang van Zion stonden er een paar bisons langs de weg in het veld:

We zijn over Highway 9 door de zuidkant van Zion gereden:

Checkerboard Mesa heeft z’n vorm gekregen door het uitzetten en krimpen van de zandsteen in de winter:

Het Nationaal Park Zion werd in 1909 een National Monument, en in 1919 een National Park.

In 1937 werd het park uitgebreid met Kolob. De naam ‘Zion’ kreeg dit park van mormoonse pioniers in 1860.

De Zion-Mount Carmel Highway, Short Tunnel:

Na Zion zijn we naar Silver Reef Ghost Town gereden. Dit is een oud mijnstadje waar nog een Wells Fargo gebouw uit 1903 staat:

Buiten hebben ze oude mijnkarretjes staan. Een mijnwerker moest in die tijd 16 van zulke karren per dag vullen. In elke kar kon 1000 kilo stenen. 4 dollar per dag kregen ze ervoor betaald:

Binnen stond een schaalmodel van een oude postkoets:

En ze hadden een oude houten kluis waar vroeger het zilver in vervoerd werd. Het slot was om af te schrikken. Het pistool in de hand van de bijrijder was de echte bewaking:

Op 30 mei 1879 is er een grote brand geweest, waarbij de westkant van Main Street is afgebrand. Een stuk van een boek uit die tijd:

Verder was het dorpje behoorlijk uitgestorven. Alle andere gebouwen uit die tijd zijn inmiddels gesloopt. Ze hadden nog wel een mooi aangelegde tuin:

Met prickly pears:

De volgende stop was St. George, Utah. Hier stond een mooie tempel uit 1877. De tempel is er een van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen:

Als laatste stop voor Vegas zijn we door het Valley of Fire State Park gereden:

Hier zat echt een bitch uit de hel achter de kassa bij de ingang. Niet normaal wat een sacherijnig wijf. Ik had bijna de auto achteruit door d’r hokje gereden.

Maar goed, dat mag dan weer niet, dus zijn we maar braaf door het park gaan rijden:

De route door het park is niet heel lang, maar wel mooi om te zien:

Veel kleurrijke rotsen:

Maar, zoals de bitch bij de ingang al gromde “there is no loop”, dus aan het eind kan je omkeren en dezelfde weg terug:

We moesten nog bijna 40 kilometer rijden toen we Las Vegas in de verte al zagen liggen. Als een soort luchtspiegeling in de hete woestijnlucht:

Het was hier vanmiddag 44 graden. Aan het eind van de dag werd er wat noodweer aangekondigd, maar het bleef bij harde wind en een paar spatjes regen:

Dag 15 - Drake in Las Vegas

Vanochtend redelijk noodweer hier. Dus mooi even zitten kijken hoe ze buiten probeerden door de plassen te manoeuvreren:

’S ochtends zijn we bij Celebrity Cars Las Vegas gaan kijken.

Ze hadden er een hoop mooie wagens staan:

Een Scooby Doo Mystery Machine:

Een mooie Ferrari 328 uit 1989. Te koop voor $285.000:

En de BWM 750IL waarin Tupac op 7 september 1996 werd vermoord in Las Vegas:

Te koop voor $1.500.000. De kogelgaten zijn weggewerkt en de bloedvlekken zitten niet meer in de stoel:

Van de autodealer zijn we naar Bass Pro Shops gegaan.

Altijd leuk om even binnen te kijken. Opgezet wild bij de ingang:

En setje leeuwen in de winkel:

Daarna nog even naar de Las Vegas South Premium Outlets, beetje rondkijken wat er te koop is. Reebok heeft wat oude Iverson schoenen uit de kast gehaald:

’S middags zijn we langs het Las Vegas sign gereden. Er stond een rij van een man of 50 om foto’s met het bord te maken. Het bord is gemaakt in Googie-stijl. Het werd door Betty Willis ontworpen op vraag van Ted Rogich, een lokale handelaar. In mei 1959 werden de fondsen voor de oprichting ervan opehaald. Kort daarna werd het bord door Western Neon geplaatst.

Langs de weg stond een reclamebord voor Pinkbox Doughnuts en dat zag er lekker uit, dus daar zijn we maar eens een donut gaan halen:

’S avonds zijn we naar In-N-Out burger gegaan. Het zag er nogal overdreven schoon uit:

Dat kwam omdat de vestiging gisteren was geopend:

We wilden net doorrijden naar het concert van Drake toen er een weerswaarschuwing binnen kwam. Opnieuw een paar fikse buien:

De deuren zouden een half uur later open gaan, dus zijn we eerst eens langs The Sphere gereden.

De bol bestaat uit 54.000 vierkante meter aan LED-schermen aan de buitenkant en nog eens 15.000 vierkante meter aan schermen aan de binnenkant.

Het gebouw is 112 meter hoog en 157 meter breed. Er kunnen 18.000 mensen in. Het gebouw heeft zo'n 2 miljard dollar gekost. Nog steeds regen, maar toch maar richting de arena gereden:

Eenmaal daar zagen we vanaf het parkeerdeck dat het hele plein vol stond met wachtende mensen, in de regen:

Maar je kon van boven ook mooi zien dat je via de rechterkant vrij snel langs de rij heen kon snaken. Dus dat hebben we gedaan en 5 minuten later stonden we binnen. In het stadion stond een meters hoog beeld van Virgil Abloh:

De show begon rond 21:00 met Lil Yachty:

Drake zelf kwam door het publiek heen naar het podium toe gelopen:

Hij had wel een mooi podium, met een hologram van een jongere versie van zichzelf:

Hij deed ruim 40 nummers:

Tussendoor nog een stukje DJ-en en meezingen met z’n eigen nummers:

En afsluiten met 21 Savage:

Dag 16 - UNLV Rebels, Hollywood Cars & Liberace 

Vanochtend zijn we eerst ev en naar Shanghai Plaza gereden. Dit is het Chinatown van Las Vegas:

Daarna zijn we naar de “Hollywood Cars Museum & Liberace Garage” gegaan.

Ze hebben hier een collectie filmauto’s. Zoals bijvoorbeeld Herbie, uit 1963:

Ze hebben twee auto’s uit The Fast & Furious:

Een rolschaats-hotrod van Marc Jacobs. Deze is gebruikt in commercials en bij parades in New York:

De 1969 Dodge Charger, General Lee, uit The Dukes of Hazzard. Met deze auto is een sprong van 50 meter gemaakt die werd gebruikt in een uitzending van MTV:

De 1983 Pontiac uit Knight Rider, Knight Industries Two Thousand, K.I.T.T.

Met de iconische lichtbalk aan de voorkant:

Een reproductie van de DeLorean uit Back To The Future:

The Batmobile uit Tim Burton's "Batman Returns":

Erg cool om die van dichtbij te kunnen bekijken:

Een Harley Davidson uit The Terminator:

Een 1983 GMC Vandura stunt-bus die gebruikt is bij opnames van The A-Team:

De Lotus Esprit Submarine die Roger Moore bestuurde in The Spy Who Loved Me uit 1977. Er waren 6 auto’s gemaakt voor de film, waarvan er 1 onder water kon. Er zijn er nu nog 3 over. Deze werd gevonden op een schroothoop op de Bahama’s:

Achterin het museum hadden ze spullen die vroeger in het Liberace Museum stonden. Zo hadden ze z’n piano:

En een custom Bradley GT. Liberace reed met deze auto door Palm Springs:

De Rhinestone Roadster, voorzien van duizenden steentjes. De voorkant werd gebruikt op de cover van Pop Trash van Duran Duran:

De 1976 Bicentennial Rolls. Royce. Hij moest toestemming van Roll Royce vragen om de auto in de kleuren van de Stars & Stripes te mogen schilderen:

In deze 1961 Rolls Royce Sedanca Deville Town Car Limousine reed Liberace honderden keren het podium op in het Las Vegas Hilton:

En een outfit van Michael Douglas als Liberace in "Behind The Candelabra":

’S middags zijn we naar een wedstrijd van de UNLV Rebels gegaan.

Eerst het volkslied, en wat dansen van de cheerleaders:

En dan kan het beginnen! Er kunnen 65.000 mensen in de arena, die ook gebruikt wordt door de Las Vegas Raiders. Totaal levert het stadion 6000 fulltime banen op voor Nevada:

Tijdens de wedstrijd kregen we dit soort meldingen:

Dus we zijn een kwartiertje voor het einde weg gegaan. De Rebels hebben met 44-14 gewonnen.

Op weg naar de auto waren de wegen afgezet, mooie politiewagens:

Er rijden hier aardig veel Zoox taxi’s rond. Nu nog met testrijders, maar het doel is om ze uiteindelijk autonoom door Las Vegas te laten rijden:

Deze reed ook autonoom rond, nog wel:

S’ avonds zijn we bij Arby’s gaan eten. Ik weet nu dat Buffalosaus niet lekker is bij kip:

Het regent weer in Las Vegas:

Maar gelukkig hebben ze een overdekt gedeelte bij Fremont Street. Toen we aankwamen dachten we dat de muziek alleen rond een podiumpje zo hard stond. Maar als snel kwamen we erachter dat uit alle hangende speakers op de foto dezelfde teringherrie kwam. Dus na twintig minuten waren we weer terug bij de auto. Wel even betalen voor het parkeren: $20. Tuig.

We zijn een stukje over The Strip terug gereden en even gestopt bij de Gold & Silver Pawn Store, maar die bleek gesloten:

En nog even bij de Stratosphere Tower, waar een nieuw soort “Welcome to Las Vegas” bord staat:

Dag 17 - Las Vegas Strip

Vanochtend eerst Formule 1 gekeken om 6 uur. Daarna zijn we naar Seven Magic Mountains, een kilometer of 20 ten zuiden van Las Vegas, gereden:

Seven Magic Mountains is een kunstwerk van Ugo Rondinone uit Zwitserland. Het bestaat uit 7 kleurrijke torens van een meter of 10 hoog:

Daarna zijn we even bij een Japanse winkel gaan kijken. Ze hebben hier in Vegas een paas vestigingen van Daiso:

Tussen de middag een hot dog bij Wienerschnitzel. Amerikanen eten er 20 miljard per jaar, dus daar kunnen er ook nog wel 2 van ons bij:

En daarna zijn we maar eens gaan chillen in het zwembad. Het lijkt erop dat de regen voorbij is:

’S avonds zijn we bij de Firehouse Subs geweest:

En toen zijn we naar The Strip gereden. We hebben geparkeerd bij New York, New York. Daar vind je de bekende Hersheys Chocolate die je ook op Times Square ziet:

Nectar Bath Treats, met zeep in de vorm van wafels:

Ze hebben hier de Brooklyn Bridge nagebouwd, op 1/5e van de werkelijke grootte:

In het park naast NYNY staat een Hello Kitty Cafe. Helaas is er een rij die nogal lang is. En om nou een uur te wachten om wat te kunnen kopen…

Dus zijn we aan de overkant van de de straat verder gegaan. Shoppen bij de Coca Cola store:

En even kijken bij M&M’s World:

Het Louis Vuitton Center, met een metalen buitenkant. Ontworpen door Daniel Libeskind:

Tegenover Bellagio staat het Paris Las Vegas Hotel. In november wordt er hier voor de deur geracet tijdens de Grand Prix van Las Vegas:

Oorspronkelijk zou de Eiffel Toren op ware grootte worden nagebouwd, maar omdat het vliegveld te dichtbij lag werd er een kleinere versie neergezet in een schaal van 1:2. De toren is nu 165 meter hoog:

De fonteinen bij Bellagio zijn ontwikkeld door WET Design en hebben in totaal 1.200 spuitkoppen. Ze worden verlicht door 4.500 verschillende lampen. Er zijn in totaal vier soorten spuitkoppen. De "oarsmen" zijn spuitkoppen die kunnen draaien. De "shooters" kunnen alleen maar recht omhoog spuiten. De "super shooters" geven een spuit tot een maximum hoogte van 73 meter. In 2005 zijn daar ook nog de "extreme shooters" aan toegevoegd die een totale hoogte van 140 meter kunnen bereiken:

De Forum Shops bij Caesars Palace, met 59.100 vierkante meter aan winkels. Het is een van de duurste winkelcentra ter wereld:

Buiten staat een fontein die is gebaseerd op de Trevi Fontein in Rome:

Aan het eind van de avond zijn we nog bij de Volcano bij The Mirage gaan kijken. Dit was echt te suf voor woorden. 3 minuten actie, met wat vlammen erbij:

Dag 18 - Las Vegas & MJ

Een rustig dagje in Vegas. Vanochtend even tanken, wel geinig. Ze hebben hier geen dop meer op de benzinetank zitten, net even handiger:

Daarna zijn we naar het Lou Ruvo Center for Brain Health gereden. Het gebouw is ontworpen door Frank Gehry:

Je kon er tussendoor lopen, daar zie je een beetje hoe de glimmende platen zijn bevestigd:

Iets verderop zijn we naar de Premium Outlets North geweest. Het is Labour Day vandaag, dus dat hadden meer mensen verzonnen. Je ziet hier overal van die reclames om te waarschuwen tegen fentanyl. In Las Vegas lijkt het met rondhangende junks nogal mee te vallen, al overlijden er ook hier 200 mensen per jaar aan een overdosis:

Van de outlet zijn we bij de Gold en Silver Pawn Shop gaan kijken:

Binnen was het aardig druk, een leuk uitje op een feestdag zo te zien:

D’r was niemand uit de tv-serie aanwezig, op een kartonnen bord na dan:

De Stratosphere Tower, met 350 meter hoogte het hoogste gebouw van Las Vegas:

Tussen de middag zijn we bij Houston TX Hot Chicken gaan eten:

Zoals de naam doet vermoeden hebben ze hier hete kip:

Variërend van "No Spice" tot “Houston, we have a problem”, waar je een waiver voor moet tekenen. Ik ben braaf voor de medium variant gegaan, dat is wat ze toeristen aanraden en ook al aardig heet:

In het steegje achter het restaurant stond een aardige auto, half onder het hek geschoven:

S’ avonds zijn we naar Michael Jackson ONE in Mandalay Bay gegaan:

Je kon in het casino op weg erheen een foto in Moonwalker pose maken:

Aan de show werken 63 dansers en acrobaten mee. Ze bestaan inmiddels 10 jaar en in april hebben ze de 4000e show gedaan. In de lobby hebben ze een aantal originele kledingstukken staan. Het rode jasje van de 1984 American Music Awards:

Sokken en schoenen van de Dangerous-tour:

De outfit uit de Moonwalkervideo:

Met de bekende lean, waarbij z’n schoenen vasthaken aan een pin in de vloer:

“Welke kant op?” Daarheen!

En beginnen maar:

De show duurde zo'n anderhalf uur. Na afloop was het buiten donker en dan zie je hoe enorm veel beeldschermen en lampen ze in Las Vegas hebben. Maar aan de andere kant ook dat er nog lang niet genoeg licht is om over The Strip te race. Maar goed, vandaag was in het nieuws dat ze deze week beginnen met het opzetten van de verlichting voor de Grand Prix. Die eind november wordt om 22:00 gereden en ze gaan vrijwel over de hele Strip, dus dat zal wel spectaculair worden:

Dag 19 - MJ homes & Red Rock Canyon

Vanochtend zijn we langs wat oude huizen van Michael Jackson in Vegas gereden. Net voor kerstmis 2006 kwam Michael terug uit Ierland om in Las Vegas te onderhandelen over een residency op The Strip. Hij huurde toen een huis aan 2785 South Monte Cristo Way voor $50.000 per maand:

Een beste toko, tegenwoordig te koop voor rond de $10.000.000, maar er moet wel wat aan gebeuren lijkt het. De tennisbaan ziet er in ieder geval wat vervallen uit:

Het tweede huis was aan 2710 Palomino Way. Hij huurde dit huis van mid 2007 tot zijn dood in 2009. Het huis heet officieel “Hacienda Palomino”, maar ze noemen het nu de "Thriller Villa":

Ik was na het fotograferen van het tweede huis iets te snel met uitschakelen van de afstandsbediening terwijl ik nog aan het landen was. De drone bleef hangen in de lucht en leek toen weer omhoog te gaan dus ik dacht ik hou ‘m tegen. Maar dat gaat dus niet echt lekker:

Er was nog een derde huis, maar dat bleek in een gated community te liggen. Het idee was om met de opbrengsten van de "This Is It Tour" deze compound te kopen. Ooit gebouwd door de broer van de Sultan van Brunei. De property tax is $500.000 per jaar:

’S middags zijn we naar Red Rock Canyon gegaan. Red Rock Canyon ligt zo'n 25 kilometer van Las Vegas en trekt 3 miljoen bezoekers per jaar.

Het park heeft een 21 kilometer lange autoroute.  Er leven wilde ezels, maar er was vandaag weinig wild te zien:

Vanaf Red Rock zijn we naar een klein winkelcentrum gereden. Ze zijn hier nog steeds blij met de winst van de Las Vegas Knights. Toch geinig: een van de heetste steden van Amerika wint de ijshockeycup:

Het pompoenenseizoen is begonnen:

Terug bij het hotel nog even snel getest of de drone het nog doet, The Strip in de verte:

En toen het zwembad in gedoken:

De regen is gelukkig helemaal verdwenen hier:

’S avonds zijn we Okonomiyaki gaan eten bij Fugetsu, een keten uit Japan:

Die smaakte erg goed! En ze hebben hun eigen draai aan een portie friet gegeven: Okonomi Potato Fries:

Dag 20 - Cars & Cirque du Soleil "O"

’S ochtends bij ik bij een paar bekende Las Vegas museums/autohandelaren gaan kijken. Eerst bij Nostalgia Street Rods. Dit is het persoonlijke museum van Art Goldstrom, die meer dan 180 auto’s en verzameld heeft. Daarnaast heeft hij een gigantische collectie aan memorabilia:

Een gesigneerde tekst van The Rolling Stones:

En een plaat van Michael Jackson:

In de volgende kamer stonden een aantal oude Chevy’s, waarvan 1 met maar 500 kilometer op de teller:

Een kijkje onder de motorkap:

Weer een kamer verder, of eigenlijk: een storage unit verder, stond een hele verzameling auto’s en fietsen. Zoals deze Schwinn Lemon Peeler:

En een grappig Coca Cola fietsstandje:

Een auto met twee motoren, de Twin Engine 1923 Tub:

Voor als je echt niet meer kunt lopen. De Hot Rod rolstoel:

Een 1933 Plymouth Sedan:

Een 1955 Chevrolet Bel Air:

Een 1941 Ford Pickup:

Een mooi beschilderde 1965 Mustang:

Een hood ornament op een oude Ford:

Buiten stond een oude schoolbus, van de School of Hardknocks:

En ernaast een oude brandweerwagen uit San Francisco, er zijn er destijds 13 van gemaakt, alles aan deze was nog origineel:

De volgende stop was Welder Up. Deze shop is bekend van Discovery Channels “Vegas Rat Rods”.

Voor de deur stond een celblok van een oude vrouwengevangenis:

Binnen hadden ze dit soort hot rods, The Clown Car, gebaseerd op een 1934 International Truck:

En de Evel Knievel Formula 1 Dragster, die ze opnieuw hebben opgebouwd om ‘m werkend te krijgen:

De stoel ziet er nog vrij fris uit:

Eye Candy, een 1964 Ford Falcon:

Deze was ook cool, The Joker Mobile:

Met The Joker achter het stuur, met een 481 Big Block chevy motor:

Vlakbij Welder Up zit Count’s Kustoms:

Ook leuk, alleen wel een vrij donkere showroom.

Wel veel mooie spullen. De motor van Horny Mike:

Een ’78 Lincoln Mark V:

Danny’s Superfly 1971 Cadillac:

Een paars-groene Chevy Truck:

Danny’s Forty-One Ford:

Detail van airbrush op een motor:

Op straat rijden ze hier soms ook rond alsof ze een gecustomizede auto hebben:

Bij de Walmart heeft Snoop Dogg z’ eigen kledinglijn:

Tussen de middag hebben we een burgertje bij Red Robin gegeten:

Daarna zij we nog even bij de Ethel M Chocolate Factory in Henderson gaan kijken:

Ze hebben hier een gigantische cactustuin, de grootste van Nevada:

Een fishhook barrelcactus:

Een bosje Golden Barrel Cactussen:

’S avonds zijn we naar het Bellagio Hotel gegaan. Eerst even kijken bij The Conservatory & Botanical Gardens:

Elk seizoen toveren ze deze ruimte om in een kleurrijke bloemenzee:

De handen zijn gebaseerd op het standbeeld “Building Bridges” dat in Venetië staat:

De zomerversie is alleen deze week nog te zien, daarna wordt de hele boel omgebouwd naar een herfstvariant:

In de lobby hebben ze een kunstwerk van Dale Chihuly aan het plafond: “Fiori di Como”:

We waren ruim op tijd bij het theater voor Cirque du Soleil’s “O”:

Dit is waarschijnlijk de mooiste show van Cirque du Soleil. Ze hebben een gigantisch zwembad met een bodem die omhoog en omlaag gaat.

Onder water zitten duikers die de zwemmers van lucht voorzien:

Aan het begin van de voorstelling, en later tussendoor, kwamen er een paar clowns voorbij:

We zaten bijna vooraan, op de vierde rij, dus fantastisch uitzicht op alle acrobatiek:

De show duurde zo'n anderhalf uur. Tegen 21:00 stonden we weer op het dak van de parking, een laatste blik op The Strip:

Dag 21 - Naar huis

Zo, de laatste dag. We vliegen om 16:10. We moesten eigenlijk om 10:00 uitchecken, dus ietwat aan de vroege kant. Ik had gisteren nog gevraagd of we misschien om 13:00 konden uitchecken. Dat kon, maar dat kostte $118! Sloeg nergens op, dus dat hebben we maar niet gedaan. We hebben de koffers gewogen en hadden nog net een kilootje over, dus ik ben vanochtend nog even naar de slijter gereden voor lekker bier:

En daarmee meteen de tank mooi leeggereden:

Uiteindelijk mochten we zomaar “gratis” 11:00 op de kamer blijven, dat scheelde weer iets. Om de tijd te doden zijn we nog even naar de Raiders fanstore gegaan:

Helaas geen ruimte meer in de koffer om wat mee te nemen, want wie wil wel nou niet zo’n Raiders ketting:

Als lunch nog een laatste keer langs de Firehouse Subs:

Toen nog even vliegtuigen kijken bij de spottersplaats. Er landt er hier bijna elke minuut 1:

Welkom op het vliegveld:

Als je nog een laatste keer wilt gokken:

Wij hebben het bij een lekker cakeje gehouden:

Het waren 3 mooie weken, de zolen zijn onder de schoenen vandaan gelopen:

No comments:

Post a Comment

2023 - Compleet op volgorde

Dag 01 - Op weg naar Albuquerque We waren om 7 uur op Schiphol en om 07:45 door security en de douane. Ging allemaal vlotjes dus. Daarna nog...